© Omroep Horst aan de Maas
Nederland is een van de meest verlichte landen ter wereld. In Horst aan de Maas komt een groot deel van de nachtelijke, oranje hemelgloed van Trade Port en de tuinbouwkassen. Toch zijn er ook maatregelen om de lichtvervuiling te verminderen, zoals de verduisteringsdoeken bij rozenkwekerij Paul van der Hulst.
Dit is een artikel in aanloop naar de Nacht van de Nacht op zaterdag 24 oktober. Op die dag zenden we een speciale uitzending uit over lichtvervuiling in Horst aan de Maas. Eerder verschenen in deze serie verhalen over trekvogels die verstrooid en verzwakt raken door lichtvervuiling én over het ontwerp van straatverlichting.
“In principe hebben wij 95% reductie van het licht naar buiten toe,” vertelt Van der Hulst. Hij heeft recentelijk een nieuw thermodoek geïnstalleerd dat moet helpen bij het binnenhouden van de warmte en het licht. “Die is ook weer 30% beter isolerend en bestaat met name uit aluminium onderdelen en die verduistert ook de belichting.”
De reden waarom Van der Hulst de doeken geïnstalleerd heeft, is tweeledig. “Ja, wegens de wetgeving is dat natuurlijk,” geeft hij aan. Daarnaast is er ook de efficiëntie. “Het is sowieso verlies, zeg maar. Nu blijft het binnenkaatsen, dus de plant krijgt alles eigenlijk, dus je hebt geen uitstoot naar buiten.”
Het licht is een belangrijk onderdeel van de rozenkwekerij. Zonder de hulp van de lampen zou de kwekerij niet rendabel kunnen draaien. “Nee, dat denk ik niet. Je verdwijnt dan eigenlijk. Je zou dan vier maanden in het jaar niet op de markt zijn, en als je dan in april weer op de markt komt vragen ze wie was dat ook alweer.”
De consument denkt niet in seizoenen en heeft een constante vraag naar rozen. “Het jaar rond vraagt de consument rozen,” vertelt Van der Hulst, “in het voorjaar en met de feestdagen moet je er zijn met een hoge productie.”
De nationale regelgeving schrijft voor dat tuinders tijdens de donkerteperiode hun lichtuitstoot zoveel mogelijk moeten beperken. Ondanks deze regels blijft de oranje hemelgloed toch iedere avond terugkomen. Een van de oorzaken hiervoor is ventilatie. Om het klimaat optimaal te controleren, moeten tuinders af en toe het dak openzetten. Dit helpt bij het reguleren van de vochtigheid en de termperatuur in de kas, maar hierdoor ontsnapt er ook licht. Daarnaast zijn de doeken ook aan slijtage onderhevig. “De doeken krimpen ook in de jaren,” vertelt Van der Hulst. “Ze krijgen heel wat te verduren, dus zonlicht en extreme kou. Daardoor krimpen ze een klein beetje.”
Tuinders hebben een groot belang bij het verlichten van hun gewassen tijdens de donkere winters. Zonder licht kunnen ze geen kwaliteit leveren. Lichtuitstoot naar buiten toe is voor hen een verlies van rendement en dus onwenselijk. “Je wil het ook niet verliezen,” beaamt Van der Hulst. “Nu blijft het zeg maar circulair en anders ben je gewoon 15% van je lichtopbrengst sowieso kwijt. Dat gaat gewoon de hemel in, daar heeft niemand wat aan.”
Niemand heeft wat aan licht dat de hemel in gaat. Die conclusie sluit aan bij de overige artikelen uit deze serie over lichtvervuiling. De vraag die rest is waarom de oranje hemelgloed dan toch iedere avond terugkeert.
De speciale uitzending wordt uitgezonden op zaterdagavond om 18.00 uur