“Het ambacht sterft de dood,” zegt Gerards. “Elke week gaat er een bakker in Nederland dicht. Als je niet meedoet aan schaalvergroting met een centrale bakkerij en meerdere verkooppunten, dan leg je het af. Daar hoeven we geen geheim van te maken.”
Met het museum wil Gerards niet alleen de geschiedenis van de vlaai tonen, maar ook kennis overdragen. “We merken dat steeds minder mensen er verstand van hebben,” legt hij uit. “Tijdens workshops zien we dat veel deelnemers eigenlijk die basiskennis missen, terwijl je zou denken dat dat vanzelfsprekend is in Limburg.”
Bezoekers kunnen in Horst niet alleen terecht voor het museum, maar ook voor de bakkerij en de winkel. “Binnen is het nostalgie wat de klok slaat,” aldus Gerards. Natuurlijk hoort daar koffie met vlaai bij of, zoals hij glimlachend zegt, “vlaai met koffie.”
Toch is Horst niet de enige plek waar de vlaai wordt omarmd. Ook in Weert zijn er plannen voor een vlaaimuseum. De stad noemt zichzelf graag de vlaaistad van Limburg, al is dat nergens officieel vastgelegd. Gerards sluit samenwerking niet uit: “We gaan kijken wat zij willen.”
Toch is voor hem de ideale locatie helder. “De locatie is hier natuurlijk. Hier in Horst. Die gaan we niet verplaatsen.”
Door L1 Nieuws.