Museum de Locht in Melderslo heeft een nieuwe, bijzondere toevoeging aan het terrein: een windtelefoon. De ongekoppelde telefoon nodigt bezoekers uit om te spreken met wie niet meer terug kan praten, maar in gedachten nog dichtbij is.
Het idee kwam van vrijwilliger Ton Somhorst, die in zijn geboortestreek Twente in aanraking kwam met de windtelefoon.
Roots
“Ook al hoor ik jou niet, ik weet dat jij mij hoort,” zegt hij, verwijzend naar de tekst die bij de telefoon te lezen is. Jaren geleden verloor hij zijn schoonzusje. Sindsdien maakt hij samen met zijn broer wat hij zelf “fietstochtjes terug in de toekomst” noemt. De route leidt door hun geboortestreek in Twente. Tijdens een van die tochten zagen de broers een klein gebouwtje dat hun aandacht trok. “We vroegen ons af: wat is dat? Toen bleek het een windtelefoon te zijn.” De ontdekking raakte hem onverwacht diep. “Omdat we in die setting aan het fietsen waren, was dat behoorlijk emotioneel.” Dat moment bracht hem op een idee: zo’n plek zou ook passen bij Museum de Locht, juist omdat daar een herdenkingsboom staat voor overleden vrijwilligers.
Telefooncel
“De coronatijd had er behoorlijk ingehakt, ook bij de Locht,” zegt Somhorst. “Ik dacht: kunnen we hier niet ook zo’n windtelefoon plaatsen?” Hij stapte naar de onderhoudsafdeling, die het voorstel met enthousiasme omarmde. Met foto’s ter inspiratie bouwden de vrijwilligers gezamenlijk de telefooncel na. “De hele Locht heeft daaraan meegewerkt,” zegt hij trots.
Overledenen
Ook Hay Janssen, lid van de directie van het museum, merkte meteen hoe sterk het idee leefde onder de medewerkers. “Het initiatief is hartstikke mooi,” vertelt hij. “Iedereen van ons heeft wel eens meegemaakt dat er iemand is overleden. Iemand met wie je nog wel eens zou willen praten, maar dat eigenlijk niet meer kan. Op deze manier is dat toch mogelijk.”
Hedenkingsboom
Voor Museum de Locht heeft de windtelefoon een bijzondere plek gekregen, vlak bij de herdenkingssboom. Aan die boom worden de namen bevestigd van vrijwilligers die meer dan tien jaar voor het museum hebben gewerkt en inmiddels zijn overleden. Janssen: “Wat is er mooier dan een telefoon waarlangs je misschien contact kunt zoeken met die mensen die hier zo veel hebben betekend?”