De eigenaren geven na veertig jaar aan dat het werk fysiek zwaar wordt en dat zij ruimte willen voor een nieuwe levensfase. “Veertig jaar is mooi geweest,” zegt Ger. Hij benadrukt dat het steeds lastiger wordt om een dorpscafé rendabel te houden, ook voor een toekomstige kandidaat: “Met alleen de tap red je het niet als je te maken krijgt met overnamekosten.” Hij vervolgt: “Je moet steeds meer activiteiten verzinnen om het café vol te krijgen. Dat kost op deze leeftijd te veel moeite. Het contact met de jeugd gaat nog steeds heel goed alleen wordt de afstand in leeftijd steeds groter. We willen stoppen vóór het een opgave wordt.”
Coöperatief modelOmdat een traditionele overname voor nieuwe ondernemers moeilijk haalbaar lijkt, kijken inwoners naar alternatieven. Eén daarvan is een coöperatief model, waarbij meerdere dorpsgenoten samen eigenaar worden. In dat scenario blijft een uitbater verantwoordelijk voor de dagelijkse exploitatie, terwijl betrokkenheid en eigenaarschap in het dorp zelf verankerd worden. Het model wordt momenteel “serieus doorgerekend”, al is de uitkomst nog onzeker.
Overname
Parallel hieraan is er één geïnteresseerde overnamekandidaat. Beide trajecten krijgen drie maanden de tijd. Als er in die periode geen haalbaar perspectief ontstaat, gaat het café in de openbare verkoop. Dan is het onzeker of het nog een dorpscafé kan blijven; woningbouw of een andere horecafunctie liggen dan meer voor de hand.
Vaste gasten
Voor veel inwoners staat er meer op het spel dan een horecagelegenheid. Café Kleuskens wordt gezien als een sociale spil, een plek waar generaties samenkomen. Zoals Irene het verwoordt: “Hier heb je vaste gasten. Daar bouw je een band mee op.” De komende maanden bepalen of die rol behouden blijft, in welke vorm dan ook.