Wethouder Robert Martens legt uit dat de gemeente door het uitblijven van duidelijk landelijk beleid zelf is begonnen met het ontwikkelen van een oplossing. Daarbij baseert de gemeente zich op uitspraken van de rechter. Die schrijft een minimale afstand van 50 meter voor tussen gevoelige functies zoals woningen en percelen waar de gewasbeschermingsmiddelen worden ingezet.
GezondheidSteeds meer aandacht gaat uit naar het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Wanneer mensen hier teveel mee in aanraking komen, kan het schadelijk zijn voor de gezondheid. Vanuit de maatschappij en de gemeenteraad klinkt de oproep om de gezondheid van inwoners te beschermen, maar ook om oplossingen te zoeken die ontwikkelingen mogelijk maken.
Werkwijze
Een interne beoordelingscommissie van de gemeente bekijkt per nieuw initiatief of de 50 meter afstand moet worden gehandhaafd, de 50 meter afstand kan worden gecreëerd en vastgelegd of dat er gemotiveerd van kan worden afgeweken. De gemeente betrekt de GGD bij de beoordeling om de gezondheid van inwoners te waarborgen.
Daarnaast roept de gemeente de overheid op om met duidelijke landelijke regelgeving te komen en werkt daarbij samen met andere gemeenten. Zij overleggen om te kijken of een gezamenlijke aanpak mogelijk is, zodat situaties ook buiten de gemeentegrenzen op een gelijke manier worden beoordeeld en er meer duidelijkheid komt voor zowel inwoners als ondernemers.